Je wandelt rustig met je hond. In de verte verschijnt een andere hond. Blikken kruisen, lijnen worden iets korter genomen en nog voor iemand het echt beseft, staan twee honden neus aan neus. “Ze willen enkel even snuffelen hoor.”

Het is een situatie die ik dagelijks zie. Toch kies ik er heel bewust voor om de honden waarmee ik ga wandelen niet aangelijnd te laten kennismaken. Niet omdat ze asociaal zijn. Niet omdat ik bang ben. Maar omdat ik de belangen van de hond serieus neem in hoe er wordt gecommuniceerd, wat de hond in kwestie nodig heeft en wat ze niet kunnen wanneer ze vasthangen aan een lijn.


Een lijn beperkt meer dan je denkt.

Honden communiceren met hun hele lichaam. Met subtiele boogjes, wegkijken, tempo aanpassen, afstand nemen en… vooral: keuzevrijheid. Daarom is het belangrijk dat je voldoende kennis hebt over de hondentaal.

Wanneer een hond aangelijnd is, vallen heel wat van die keuzemogelijkheden weg. Hij kan niet zelf bepalen hoe dichtbij hij wil komen of wanneer hij liever wat ruimte neemt. Meestal trekken wij de hond mee en wandelen van punt A naar punt B. Dat alleen al kan spanning geven en die stress beïnvloedt het gedrag van je hond.

Daarbovenop komt nog iets wat wij vaak onderschatten: lijnspanning. Zelfs wanneer je denkt dat je hond “gewoon losjes” aan de lijn loopt, voelt hij elke kleine verandering. Jouw onzekerheid, jouw verwachting, jouw “hopelijk gaat dit goed” wordt via de lijn perfect doorgegeven. Je lijnvaardigheden, of het tekort eraan, heeft dus ook invloed op het gedrag van je hond. Die spanning op de lijn kan voor je hond het volgende betekenen: “Er is iets aan de hand. Ik moet alert zijn.” Alertheid is niet hetzelfde als ontspanning en dat heeft een grote invloed op hoe de weg verder bewandeld wordt.


Frontale ontmoetingen zijn niet beleefd in hondentaal.

In de hondentaal is frontaal recht op elkaar afstappen allesbehalve beleefd. Toch is dat exact wat er gebeurt bij ontmoetingen aan de lijn. Twee honden die elkaar naderen zonder te kunnen uitwijken, zonder bochtjes, zonder aftasten.

Veel honden verdragen dit. Maar verdragen is niet hetzelfde als zich veilig en op het gemak voelen. Sommige honden bevriezen. Andere honden gaan trekken, springen, blaffen of uitvallen. Soms denken wij dan: “Mijn hond is niet sociaal.” Terwijl hij eigenlijk probeert te communiceren: “Dit voelt niet veilig voor mij.”


Mijn hond hoeft niet iedereen te begroeten!

Een van de meest bevrijdende inzichten voor veel hondenouders is dit:
Je hond hoeft niet met elke andere hond kennis te maken.

Sociale vaardigheden betekenen niet dat je met iedereen contact moet maken. Ze betekenen dat je keuzes mag maken, grenzen mag aangeven en ruimte mag nemen wanneer dat nodig is. Net zoals wij dat doen.

Door honden niet te laten kennismaken aan de lijn, leer ik ze dat:
•    ze niet elke andere hond “moeten” begroeten,
•    ze op mij mogen vertrouwen om situaties te beheren,
•    wandelen geen aaneenschakeling is van spannende ontmoetingen.

Dat geeft rust voor hen en voor mij.


“Maar hoe leren ze dan omgaan met andere honden?”

Een heel begrijpelijke vraag.
Echte, waardevolle hond-hond interacties gebeuren los van de lijn, op voldoende ruimte, waar honden hun lichaamstaal volledig kunnen inzetten. In een losloopgebied, op neutraal terrein, met honden die elkaar kunnen lezen en respecteren. Vooral dat laatste puntje wordt dikwijls nog over het hoofd gezien. Je hond dus zomaar loslaten in een losloopweide bij andere honden is geen socialisatie. 

Tijdens goede interacties tussen honden zie je boogjes, pauzes en vooral snuffelmomenten. Niet altijd aan elkaar maar ook gewoon naast elkaar in de omgeving. Weglopen van elkaar, met iets anders bezig zijn en weer terugkomen. Dat is communicatie. Dat is leren. Dat is verbinding. Niet het geforceerde “doe maar even hallo” aan een strak touw die dan nog eens in het ander touw verstrengelt en waar nog 2 andere individuen (wij dus) aan hangen die het hele gebeuren beïnvloeden. Dat is allesbehalve een natuurlijke manier van kennis met elkaar maken.

Heel vaak wordt er ook aangeraden dat je je pup vooral aan de lijn moet laten kennismaken met andere honden want dat ze zo leren sociaal zijn. Wat je hen echter leert is dat ze met elke hond moeten contact maken. Sommige honden vinden dit niet leuk en andere net wel. Het gevolg hiervan is dat je pup later als hij volwassen is continu trekt en uitvalt omdat hij bang is van die andere hond en weg wil of omdat hij gefrustreerd is dat hij nu geen contact mag maken. Het is dus beter om je hond gewoon vanaf het begin te leren dat contact aan de lijn met een andere hond een no-go is.


Zacht zijn is ook duidelijk zijn.

Wanneer ik vriendelijk “nee dank je” zeg tegen een aangelijnde ontmoeting, doe ik dat niet om moeilijk te doen. Ik doe dat omdat ik preventief werk in plaats van achteraf te moeten herstellen. Omdat welzijn voor mij altijd voorop staat.

En misschien nog wel het belangrijkste:
ik toon de hond dat zijn grenzen ertoe doen.
Dat is geen zwakte.
Dat is leiderschap met zachtheid!!!


Wil je leren lezen wat je hond nodig heeft in plaats van te reageren op gedrag dat al geëscaleerd is? Dan begint het vaak met dit soort kleine keuzes tijdens de wandeling.
Niet meer doen, maar anders kijken.